Christelijk gebruik van de geschiedenis
Kuiper, R.
In het vorige nummer van Transparant werd meegedeeld dat de VCH een discussie wil starten over historisch besef. Wat is historisch besef en hoe is het daarmee gesteld in onze tijd? In dit artikel wil ik ingaan op historisch besef zoals het tot uitdrukking komt in het christelijk gebruik (en misbruik) van de geschiedenis. Ik heb het dan over historisch besef zoals het in zijn meest specifieke gedaante onder ons functioneert.
De 'startnotitie' die in Transparant werd afgedrukt sprak in dit verband bijvoorbeeld over het gebruik van de uitdrukking 'Vaderlandse Kerk'. Deze uitdrukking wordt, zoals bekend, in hervormde kring gebruikt om bepaalde stappen in het Samen op Weg-proces af te wijzen, maar is zelf niet vrij van romantiserende inkleuring. Is dit nu gebruik of misbruik van de geschiedenis? Over dit soort dingen gaat het dus.
Vormen van historisch besef
Nu onderscheidde de 'startnotitie' nog twee andere vormen van historisch besef. Daar wil ik niet helemaal aan voorbijgaan. Ik heb ze zelfs nodig om iets over het christelijk gebruik van de geschiedenis te kunnen zeggen. Daarom een enkel woord over deze twee andere vormen. De eerste vorm is heel basaal en spreekt over de mogelijkheid van historisch besef. Het feit dat mensen de geschiedenis kunnen ervaren is iets heel bijzonders. Dieren kunnen dat niet. De mens 'weet' al van jongs af aan te onderscheiden tussen vroeger en later, en – zwaarder aangezet – verleden en toekomst. Historisch besef is een weten dat je in de tijd staat. Ik denk dat altijd aan het woord van de prediker over de eeuw die in het han van de mens is gelegd (Pred. 3:11). Hoe dit bijbelwoord ook precies geëxegetiseerd moet worden, duidelijk is dat het hier gaat om een vermogen van de mens over tijdsgrenzen heen te kijken. Dit vermogen vormt de ondergrond voor iedere meer specifieke en gearticuleerde vorm van historisch besef.Daarmee zijn we bij de tweede vorm van historisch besef. Op basis van het vermogen (en ook onze existentiële behoefte!) ons in de tijd te oriënteren ontstaat een min of meer bewuste omgang met het verleden. We willen ons historisch kennen vergroten en verdiepen. Door ook daadwerkelijk kennis te nemen van het verleden ontstaat er een historisch besef in cognitieve zin. We slaan feiten op in ons hoofd en stellen er belang in een getrouw beeld van het verleden te vormen. Is de eerste vorm nog min of meer onbewust, de tweede vorm is een bewuste kennismaking met het verleden. In het onderwijs wordt deze tweede vorm van historisch besef aangeleerd: er wordt kennis van het verleden bijgebracht. Hierbij speelt onvermijdelijk ook een zekere waardering van het verleden. We vinden het belangrijk dat leerlingen iets weten over onze nationale geschiedenis, het volkslied kennen, weten wie Napoleon, Bismarck en Hitler waren. Historisch besef in deze meer gearticuleerde, cognitieve zin is dus een verdieping van de eerste vorm: het is een bewuste oriëntatie in de tijd.
Derde vorm
Nu kom ik dan tot mijn eigenlijke onderwerp: het christelijk gebruik van de geschiedenis. Daarmee gaan we over van het terrein van de kennis naar dat van het handelen. De geschiedenis wordt namelijk op allerlei manieren gebruikt om onze levenspraktijk te sturen, te veranderen, te verantwoorden. Daarmee zitten we op het terrein van de praxis. De geschiedenis wordt gebruikt om een bepaalde 'way of life', een traditie, een cultuurpatroon te bevestigen of juist te verwerpen.
Nu moeten we er goed op letten dat dit gebruik van de geschiedenis zich voordoet zowel bij hen die weinig als bij hen die veel weten over de geschiedenis. Met andere woorden: of we nu spreken over de eerste of de tweede vorm van historisch besef, de geschiedenis wordt altijd gebruikt voor de levenspraktijk. Door geletterden en ongeletterden. Er is een bewust en een onbewust gebruik van de geschiedenis.
Laat ik hier een paar illustraties van geven. Het is de bedoeling van onze discussie over historisch besef dat we het onderwerp betrekken op de protestants-christelijke kring, dus kies ik de voorbeelden dicht bij huis. Bewust en onbewust gebruik van de geschiedenis vindt beide plaats binnen de gereformeerde gezindte in Nederland. Van beide een voorbeeld. Het bewuste gebruik is af te lezen uit de aandacht voor de kerkgeschiedenis, de opzettelijke herinnering aan predikanten die dierbaar zijn, de bewuste binding aan belijdenisgeschriften en de Dordtse kerkenordening, de binnen de onderscheiden kerkverbanden overgedragen kennis omtrent de gewaardeerde en minder gewaardeerde theologische accenten, de verschilpunten en scheuringsmomenten die zijn ontstaan met andere christenen en kerkgenootschappen. Om nieuwe generaties in de kerk steeds te doen beseffen waar het in het verleden om draaide, dient er bewuste kennis te zijn van het verleden en dient ook bewust gebruik te worden gemaakt van die kennis.
Lees ook het artikel over historisch besef van dr. J. van der Graaf op onze website.
Download het complete artikel (pdf)
Download het complete artikel (Word)
Historisch besef als onderwijsdoel (artikel)
Nostalgie en historisch besef (artikel)
Jaargang 08 (1997) No 3
Trefwoorden: Christenhistoricus, Geschiedfilosofie, Kerkelijke geschiedenis.
