Eerherstel voor de plantage
Recensie
Krabbendam, H.
n.a.v. Adriaan Goedhart, Eerherstel voor de plantage. Uit de geschiedenis van de Handelsvereeniging Amsterdam (HVA) 1879-1983 (Amsterdam: Albini, 1999), 368 pag., isbn 90-671-4-064-3, fl. 45,-
Nadat dr. A. Goedhart eerst zijn persoonlijke herinneringen aan het leven in de voormalige koloniën publiceerde, behandelt dit boek vooral de bedrijfsgeschiedenis van de HVA. Goedhart was de laatste president-directeur van dit oer-Nederlandse bedrijf. Hij klom zoals alle directeuren langs de rangen omhoog. De HVA begon als cultuurmaatschappij vooral in suiker in Nederlands-Indie en verplaatste in de periode van dekolonisatie haar aktiviteiten naar Afrika en Zuid-Amerika. Door een behoudend financieel beleid en de aanpassing van haar commerciële activiteiten daaraan wist de HVA een belangrijk aandeel op te bouwen in de verbouw van vooral suiker en thee, maar ook in sisal, rubber en andere grondstoffen. Dankzij schaalvergroting, concentratie en diversihcatie, aanzienlijke investeringen in het eigen bedrijf en opbouw van reserves wist de HVA de depressie van de jaren '30 en de oorlogsjaren te overleven. De politieke instabiliteit in de jaren '50 en '60 dwong de HVA tot verandering, met name in de richting van consultancy werk. Dankzij de ervaring opgedaan met het opzetten en beheren van de eigen ondernemingen wist dit bedrijf zich om te vormen tot een agrobusiness met een poot in de aannemerij. Steeds meer moest de HVA een netwerk in de nationale en internationale ambtenarij opzetten en onderhouden. Het boek besluit met een relaas over mislukte samenwerking en overname door een ander bedrijf, die het beleid ondermijnde en het eigen karakter van het bedrljf aantastte. Ondanks de teloorgang van het bedrijf blijft een erfenis bestaan: goed opgezette bedrijven, gekwalificeerd personeel, medische voorzieningen, echte steun voor de economie van ontwikkelingslanden.
Het rijkgeïllustreerde boek is chronologisch opgebouwd. Dankzij de lengte van de beschreven penode is de ontwikkeling van een traditionele naar een moderne corporatie uitstekend te volgen. Opvallend is ook dat het werk in Indië zo vaak buiten het gezichtsveld bleef van de Nederlanders en de Nederlandse politiek. Als er een plot in het verhaal zit, is het een verdediging van de werkwijze van de HVA tegen kritiek uit linkse kringen. Die verweten de koloniale maatschappijen uitbuiting en afroming van de winsten. Dr. Goedhart stelt daartegenover vast dat de bevolking direct en indirect van de aanwezigheid van de onderneming profiteerden zowel goede als woeste gronden werden in cultuur gebracht, de uitbetaalde lonen waren relatief hoog, de secundaire arbeidsvoorwaarden waaronder huisvesting, onderwijs en medische zorg waren uitstekend, de ontwikkeling van de producten en het productieproces waren wetenschappelijk tot stand gebracht en leverden een hoog rendement op. Zoals te verwachten, beschrijft dit boek vooral de inspanningen (en vaak de grote offers) van de HVA. Keer op keer werden de plantages genationaliseerd met een minimale compensatie voor de zware pioniersarbeid en het opvangen van de tegenslagen. Hoe overtuigend dit ook beschreven is, voor volledig eerherstel is nodig ook de ervaringen van bijv. de werknemers te verwerken.
Download de complete recensie (pdf)
Download de complete recensie (Word)
Info over de Handelsvereeniging Amsterdam (HVA)
Jaargang 10 (1999) No 3 - themanummer Ethiek van het kolonialisme
Trefwoorden: Kolonialisme, Slavernij, Recensie (artikel).
