WebfeedRSS
Loading

Wachten op een evenwichtige biografie

Recensie

Wallet, B.

n.a.v. Hans Jansen, De zwijgende paus? Protest van Pius XII en zijn medewerkers tegen de jodenvervolging in Europa (Kampen: Kok, 2000) 857 blz., €42,50.

Sinds in 1963 het toneelstuk Der Stellvertreter van Rolf Hochhuth in première ging, woedt er een felle discussie over de houding van Pius XII ten opzichte van de jodenvervolging. Het stuk is een felle aanklacht tegen het zwijgen van de paus, terwijl de Europese joden werden vermoord. Zo noemt John Cornwall Pius een antisemiet en vnend van Hitler.

Tegen deze aanvallen probeert Jansen paus Pius in bescherming te nemen. Zijn centrale these is dat Pius XII wel degelijk begaan was met het lot van de joden, maar niet publiekelijk protesteerde omdat dat de zaak van de joden alleen maar zou schaden. Als reactie op zo’n protest zou Hitler nog vastberadener de joden hebben vervolgd, zo geeft Jansen de overwegingen van het Vaticaan weer. Dat betekende niet dat Pius niet van alles in het werk stelde om joden te redden: in toespraken en brieven heeft hij, zij het indirect, geageerd tegen de nationaal-socialistische ideologie en het hebben opgenomen voor de joden. Toen de Duitsers Italie bezetten en daar de joden gingen deporteren, heeft Pius alle geestelijken opgeroepen zoveel mogelijk joden te helpen. Zo hebben veel Italiaanse joden een schuilplaats gevonden in het Vaticaan en in talloze kloosters.

Het boek probeert omstandig te bewijzen dat Comwells beschuldiging dat Pius een antisemiet en vereerder van Hitler was, onterecht is. Pius heeft duidelijk gezien dat de nationaal-socialistische ideologie een bedreiging vormde voor het christelijk geloof. Dat Pius in zijn toespraken hiervoor waarschuwde, betekent uiteraard nog niet dat hij alles heeft gedaan wat in zijn vermogen was om joden te redden. In het bewijzen van dat laatste is Jansen niet geslaagd. Pius was bovenal een diplomaat die probeerde in die moeilijke tijden de belangen van zijn kerk zo goed mogelijk te verdedigen. Daarom bleef Pius in de strijd die woedde zoveel mogelijk op de vlakte, hoewel zijn sympathie aan geallieerde zijde lag. Dat bij Pius de belangen van de kerk voorop stonden, blijkt ook uit zijn houding bij het Rijksconcordaat van 1933. Pius was toen nog staatssecretaris en als voormalig Duits nuntius nauw bettokken bij de onderhandelingen. Jansen presenteert het concordaat als een poging van het Vaticaan de antichristelijke uitingen van het nationaalsocialisme in te dammen. Duitsland erkende dat het christendom de basis voor het nieuwe Rijk zou zijn en de kerk wist te bereiken dat op de openbare scholen godsdienstonderwijs gegeven zou worden onder kerkelijk toezicht. Volgens Jansen zou op deze wijze het nationaal-socialisme aangevallen worden. In werkelijkheid lag het allemaal wat gecompliceerder. Al lange tijd probeerde het Vaticaan een concordaat met de Duitse regering te sluiten om zo haar belangen veilig te stellen. Met het aan de macht komen van Hitler was daar nu van Duitse kant opening voor gekomen, omdat de erkenning door het Vaticaan als een belangrijke diplomatieke overwinning werd gezien. Dat de keerzijde hiervan betekende dat de nieuwe Duitse regering werd erkend en dat de katholieke Zentrumpartei opgeheven moest worden, werd door het Vaticaan op de koop toegenomen. Daarbij was er een felle oppositie van meerdere Duitse bisschoppen, zoals kardinaal Schulte (Keulen), bisschop Buchberger (Regensburg) en bisschop Preysing (Eichstatt).

 Download de complete recensie (Pdf)

 Download de complete recensie (Word)


 Laatst gewijzigd: 18-09-09 - Geplaatst: 18-09-09