Nieuwe biografie Hendrik de Cock
Veldman, H.
Op 9 september 2009 promoveerde kerkhistoricus Harm Veldman uit Zuidhorn op een proefschrift over Hendrik de Cock (1801-1842). De Cock was een van de leiders van de Afscheiding (1834), maar opereerde niet alleen. Meer dan veertig mannen omarmden De Cocks gedachtegoed.
De promotie vond plaats aan de Theologische Universiteit Kampen (Broederweg). De dissertatie van Veldman is getiteld Hendrik de Cock (1801-1842) op de breuklijnen in theologie en kerk in Nederland en telt maar liefst 752 pagina's. Volgens Veldman werd het tijd dat er een integrale biografie van deze eerste voorman van de Afscheiding van 1834 verscheen. In 1915 was van de hand van J.A. Wormser wel een korte levensbeschrijving uitgekomen en in 2004 schreef Veldman zelf een populaire biografie, maar nieuw archiefonderzoek overtuigde Veldman ervan om een "nieuw en meer genuanceerd portret van Hendrik de Cock te tekenen".
Promovendus H. Veldman, geboren in 1942 in Bedum, is van huis uit geen theoloog. In 1972 behaalde hij voor het middelbaar onderwijs de akte Geschiedenis en Staatsinrichting en in 1988 rondde hij aan de Rijksuniversiteit Groningen zijn studie geschiedenis af.
Het proefschrift van Veldman maakt onder meer duidelijk welke theologie overheersend was in Groningen en welke invloed De Cock en zijn medestudenten ondergingen. Die theologie wordt aangeduid als die van het supranaturalisme, ook wel de oud-liberale theologie. Hierin waren ideeën van de Verlichting verwerkt tot theologische formuleringen die voor het menselijk verstand aanvaardbaar waren. Ook aan de Academie en het Atheneum van Franeker heerste deze nieuwe theologie; de auteur geeft korte schetsen van de opvattingen van onder meer de hoogleraren J. H. Regenbogen en J.H. Scholten.
Veldman stelt dat met deze biografie de theologische achtergronden van de Afscheiding beter in beeld zijn gekomen. En daarmee wordt volgens hem tegelijk voorkomen dat men de Afscheiding ziet als alleen maar een kerkordelijk conflict van De Cock met het hervormde kerkbestuur. "Het accent in de geschiedschrijving over de Afscheiding moet men leggen op de consequente inzet van Hendrik de Cock voor de re-confessionalisering van de Hervormde Kerk. Toen daaraan niet werd voldaan, was de Afscheiding een feit."
Het onderzoek naar de persoon van De Cock was niet gemakkelijk. "Hij ging bijna schuil achter zijn enorme inzet voor de verbreiding van de Afscheiding en de opbouw van een nieuw gereformeerd kerkverband. Wel is duidelijk dat De Cock - met zijn gezin - leefde in een sfeer van diepdoorleefde vroomheid die heel goed past bij het klimaat van de Reformatie en de Nadere Reformatie."
Dat kwam ook sterk tot uiting tijdens de drie maanden dat De Cock in de Groninger gevangenis moest doorbrengen (winter 1834/35). ,,Bij De Cock past niet een beeld van lijdelijkheid: hij heeft tijdens zijn gevangenschap naast meditatie, gebed en psalmgezang zich beijverd om de Afscheiding verder te verdedigen. Ook heeft hij daar - in overleg met een gestage stroom van bezoekers - plannen gemaakt om in heel Noord-Nederland afgescheiden gemeenten te stichten.”
Het aantal gemeente die door De Cock werden geïnstitueerd bedraagt 87, daaronder 49 in de provincie Groningen, 11 in Fryslân, 18 in Drenthe, 3 in Overijssel, 4 in Noord-Holland en 1 in Utrecht en 1 in Duitsland (Bentheim). Op een bij het boek gevoegde cd-rom vindt de lezer een beknopt overzicht van De Cocks activiteiten voor de stichting van deze 87 gemeenten.
De sociale paragraaf ontbreekt niet in de dissertatie over De Cock. Veldman ging na uit welke maatschappelijke kringen de eerste ambtsdragers in de Groninger afgescheiden gemeenten voortkwamen. ,,Het bevestigt het beeld dat de agrariërs in de meeste gemeenten een vaste plaats innamen in de kerkenraden. Toch bleek uit onderzochte kadastrale gegevens dat deze landbouwers voor het overgrote deel niet gerekend kunnen worden tot de ‘mindere stand’. Heel wat 'grote boeren' bleken geestelijk en financieel goede steunpilaren te zijn voor hun gemeente."
Daarnaast deed de auteur ook onderzoek naar de sociaal-economische herkomst van de eerste groepen dominees in de afgescheiden kerken. "De Cock leidde meer dan veertig mannen op; zij waren van huis uit bakkers, boeren en schoenmakers en hadden geen enkele vooropleiding genoten. Velen van hen dienden als oefenaar. Na een kerkelijk examen slaagden de meesten erin om als predikant aan de slag te gaan. De Cock heeft zijn leerlingen onderricht in de geest van Johannes Calvijn en van de Nadere Reformatie. In 1837 gaf De Cock zelf een verkorte editie uit van Calvijns Institutie."
Veldman gaat in zijn promotieonderzoek ook breed in op de grote diversiteit onder de afgescheidenen. Hij schetst De Cock als een man die streeft naar behoud van eenheid onder zijn volgelingen. Daarnaast wordt ook duidelijk waar De Cock theologisch 'staat': "Je moet hem ver van de Rooms-Katholieke Kerk zien en hoort hij thuis in de brede stroom van de Reformatie (vooral Johannes Calvijn en John Knox) en hij draagt veel kenmerken bij zich van de Nadere Reformatie (met oriëntatie op Wilhelmus à Brakel, Johannes Koelman en Herman Witsius), met name waar deze stroming zich richt op de doorwerking van de bijbelse vroomheid in gezin en samenleving."
Veldmans promotie vindt plaats in het 175e jaar na de Afscheiding. Dat was niet bewust zo gekozen, maar vormt wel de opmaat naar enkele herdenkingsactiviteiten. In oktober worden twee symposia over 175 jaar Afscheiding gehouden: op 2 oktober in Groningen (in de Remonstrantse kerk), georganiseerd door de Vrije Universiteit; en op 13 oktober in Kampen, georganiseerd door de Theologische Universiteit van de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt).
Nieuwsbericht in het Friesch Dagblad
Vroegere theologen & historici over H. de Cock
Integrale lezing over Hendrik de Cock en Johannes Calvijn (pdf)
Trefwoorden: Afscheiding, Hendrik de Cock, Proefschriften.
