Stadhouder Willem III
Politicus met een verkeerde missie?
Troost, W.
Als gevolg van de gemeenschappelijke aanval van Engeland en Frankrijk op de Republiek in 1672 werd Willem III op 9 juli stadhouder van Holland en een week later van Zeeland. De jonge stadhouder, tevens kapitein-generaal van de Nederlandse troepen had verder een onbezorgd leventje kunnen leiden, indien hij akkoord was gegaan met de door Frankrijk en Engeland aangeboden vredesvoorwaarden van Heeswijk van 16 juli.
Die voorwaarden zouden hem soeverein heerser hebben gemaakt van een in territoriale omvang en economische mogelijkheden beknotte staat.
Tegenover de Staten-Generaal liet Oranje evenwel weten dat 'men sigh liever aan stucken behoort te laten houwen als sulkcken acoort te maecken; dat hetgeen op sijn persoon slaet, van sijn vyanden komt en niet van sijn vrienden'.
Kossmann stelt dat het weigeren van de Engels-Franse condities het beslissendste moment in het bestaan van Willem III was. Hij ambieerde de soevereiniteit wel – in 1675 ondemam hij pogingen hertog van Gelre te worden – maar toch stelde hij op dat moment de integriteit van de Republiek boven zijn persoonlijke aspiraties. Karel II en Lodewijk XIV zouden zich snel realiseren dat Willem III een formidabele tegenstander was. Oranje steunde de parlementaire oppositie tegen Karel II waardoor deze gedwongen werd in februari 1674 vrede met de Republiek te sluiten. Pogingen van Willem III zijn Engelse oom bij de oorlog tegen Frankrijk te betrekken mislukten. Karel II bleef officieel neutraal, maar in het geheim bleef hij toch een bondgenoot van Lodewijk XIV die hem regelmatig geld gaf om te voorkomen dat de Engelse vorst gedwongen werd een hem niet welgezind parlement bijeen te roepen.
Lodewijk XIV: vijand bij uitstek
Voor Willem III was Lodewijk XIV de vijand bij uitstek. Eerst moest het voortbestaan van de Republiek veilig gesteld worden. Aan het eind van 1672 hoefde Willem III niet meer te vrezen voor een ineenstorting van de Republiek, maar Oranje wilde meer. Volgens Willem III was Lodewijk XIV uit op de vestiging van een universele monarchie die heel Europa in zijn greep probeerde te krijgen. Lodewijk XIV bedreigde in Willems optiek de vrede in Europa en zijn streven naar expansie diende een halt te worden toegeroepen.
Om dit expansiestreven tegen te gaan, sloot de stadhouder in 1673 met de Duitse keizer, Spanje en de hertog van Lotharingen een Quadruple Alliantie die zich tot doel stelde Frankrijk terug te brengen tot de omvang die het land in 1659 bij de Vrede van de Pyreneeën bezat. De gebieden die Lodewijk XIV bij de Vrede van Aken had bemachtigd, dienden te worden teruggegeven. De Spaanse Nederlanden moesten de veiligheid van de Republiek garanderen en als een barrière fungeren tegen Frans expansionisme.
Discussie
Over de vraag of Lodewijk XIV een universele monarchie wilde vestigen discussiëren de historici al jaren. Volgens Kossmann had Lodewijk XIV geen programma voor de vestiging van een universele monarchie. Volgens Lodewijk XIV was de verovering van stukken van de Spaanse Nederlanden gebieden bedoeld om een veilige grens met Spanje in het noorden te creëren. De Franse koning liet zich door de Engelse diplomaat Sir William Temple overtuigen dat de Republiek recht had op een veilige barrière tegenover Frankrijk. Bij de Vrede van Nijmegen gaf hij de steden Limburg, Charleroi, Binche, Ath, Oudenaarde, Kortrijk en Gent terug aan Spanje.
Personalia Wout Troost
Dr. Wout Troost promoveerde op de Ierse politiek van Willem III. Zijn biografie over Willem III beschrijft diens politieke carrière van stadhouder-koning.Download het complete artikel (Pdf)
Download het complete artikel (Word)
Jaargang 13 (2002) No 2
Trefwoorden: Politieke geschiedenis, Nederlandse geschiedenis, Biografie.
