'Rotterdam is bijna Frans geworden'
Isaac Dumont de la Bostaquet in Holland, 1687-1689
Ressinger, D.W.
Normandië, mei 1687
Een Hugenootse edelman in Normandië, Isaac Dumont de Bostaquet, raakt vlakbij Dieppe emstig gewond in een gevecht aan zee met de kustwachters van Lodewijk XIV. Het is de taak van de kustwachten om de uittocht van de goedopgeleide en ijverige Hugenootse onderdanen van de koning te vehinderen. Het vertrek van protestanten is verboden door de herroeping van het Edict van Nantes in 1685; de straf op een ontsnappingspoging is levenslange gevangenissttaf op de galeien voor mannen, en in katholieke conventen voor vrouwen.
Ondanks de herroeping van het Edict (waarmee Hendrik IV zekere rechten en privileges aan zijn Hugenootse onderdanen had verleend), is Dumont van plan later dat jaar, in auustus 1687, Frankrijk te verlaten. In mei heeft hij echter al voor transport gezorgd voor een groep vrouwen die hij naar een schip begeleidt dat hen naar Holland zal brengen. Dumont is dan geen jonge man meer – hij is 57, heeft drie vrouwen gehad en is de vader van 19 levende kinderen.
In de groep vrouwen die naar Holland wil ontsnap- pen, zitten zijn tachtigjarige moeder, zijn zus en haar kinderen, enkele andere vrouwelijke familieleden en ten minste een van zijn eigen kinderen, de zevenjarige Judith-Julie. Ze hebben besloten om huis en haard te verlaten om te profiteren van de vrijheid van gods- dienstuitoefening die voor hen in Holland beschikbaar zal zijn. De vlucht mislukt wanneer de kustwachten de grote groep overweldigen; de groep, die voornamelijk uit vrouwen en kinderen bestaat, zit vast op het strand van St. Aubin terwijl de vloed opkomt, die hen afsnijdt van hun beschermers en hun leven in gevaar brengt. Veel vrouwen verstoppen zich in grotten in de hoge kliffen aan de kust. Dumont en zijn zwager proberen de vrouwen te redden, maar kunnen de kustwachten niet ontlopen. Dumont wordt in zijn linkerarm geschoten, terwijl zijn pruik in brand vliegt. Zijn eigen geweer ketst, en terwijl de vloed opkomt, smeken de vrouwen hem te vluchten voor zijn leven, omdat hij anders zeker om zal komen of zijn leven lang als slaaf op de galeien zal moeten dienen. Een aantal vrouwen en zijn schoonzoon wordt gevangengenomen en opgesloten in het grauwe kasteel in Dieppe.
Bostaquets treurige verhaal
Zij die op het strand waren gevangengenomen, zouden veroor- deeld worden in Caudebec in augustus 1687; de hoofden van de vrouwen werden kaalgeschoren, en ze werden levenslang opge- sloten in diverse lokale conventen in Rouen en Caudebec voor 'nieuwbekeerden'. Sommige van Dumonts verwanten stierven in deze conventen. Dumont zelf werd in absentia veroordeeld tot levenslange straf als galeislaaf alsmede tot hoge boetes en de vergoeding van de rechtszaakkosten.Bloedverlies, verwarring en de zekerheid dat hij zou worden gevangengenomen, maakten het noodzakelijk dat Dumont zo snel mogelijk het land zou verlaten, hoewel hij hiervoor slecht was voorbereid; in zijn eigen woorden: 'slecht uitgerust en slechtbewapend'. Teruggekeerd naar zijn huis in Bostaquet zegde hij zijn ontzette zwangere vrouw gedag alsook zijn talloze kinderen (waarvan er drie spoedig na zijn vertrek aan tuberculose zouden overlijden). Hij verliet zijn huis nog zwak van het bloedverlies, zonder geld en met slechts enkele shirts en genoeg linnen om zijn gewonde arm te verbinden. Hij regelde dat zijn schoonzoon hem ontmoette met het geld van de verkoop van vee op de plaatselijke markt de volgende dag, en vertrok naar Holland, terwijl zijn vrouw en kinderen huilden van angst en verdriet. De daaropvolgende weken maakte hij een moeilijke tijd door, die hij slechts door kwam dankzij zijn familieconnecties en vriendschappen die hij onderweg op deed.
Er zijn slechts weinigen die memoires nalieten van het tumult voor en tijdens de uittocht van de Hugenoten uit Frankrijk. Reginald Lane Poole, in zijn Huguenots of the Dispersion, beschrijft Isaac Dumont de Bostaquets memoires, geschreven tussen 1688 en 1693, als vertonende een 'flexibele geest die de momenten van verandering en rust kan doorbrengen tijdens de reis, niet in een doelloze spijt, maar in een daadkrachtige en opgewekte opmerkzaamheid van alles wat een plaats te bieden had. Hij was geen puriteinse geest. Zeker van zijn oprechtheid, keek hij niet neer op het genot van leven en zinnen.'
Download het complete artikel (Pdf)
Download het complete artikel (Word)
Jaargang 16 (2005) No 2 - themanummer hugenoten
Trefwoorden: 17e eeuw, Hugenoten, Frankrijk.
