WebfeedRSS
Loading

"De puriteinse dagindeling komt voort uit het kloosterleven"

Interview met W.J. op't Hof

Schans, A.A. van der en P. Verhoeve

Dominee W.J. op’t Hof werd op 20 oktober 1947 in Rotterdam geboren. Hij studeerde van 1966-1972 theologie in Utrecht. Als predikant van de Nederlandse Hervormde Kerk diende hij te Hedel en Ouddorp. In 1987 promoveerde hij op de studie Engelse piëtistische geschriften in het Nederlands, 1598-1622. Momenteel is hij predikant in Nederhemert en redactiesecretaris van het Documentatieblad Nadere Reformatie.


Hoe zou u het puritanisme willen omschrijven? Kunt u ook een afbakening geven van dit begrip ten opzichte van de begrippen piëtisme en Nadere Reformatie?

Het puritanisme streefde een op bijbelse leest geschoeide zuivering van de Anglicaanse Staatskerk na. Omdat dit streven stuksloeg op de onwil van de politieke en kerkelijke autoriteiten, zag het ene deel van de aanhang geen andere weg dan breken met de Staatskerk. Het andere deel wilde die stap niet zetten en ging zich vooral toeleggen op het persoonlijke geloofsleven in al zijn facetten, dat overigens van meet aan tot de kern had behoord. De vroomheid is het belangrijkste verbindende element tussen al de verschillende segmenten van het puritnisme als historisch verschijnsel.
Het piëtisme is een koepelterm waaronder alle vroomheidsbewegingen verstaan worden. Gewoonlijk wordt het beperkt tot het protestantisme, maar wat mij betreft mag men het piëtisme niet alleen in de breedste zin des woords internationaal en interseculair, maar ook interconfessioneel opvatten. Wat is er op tegen om Thomas à Kempis en Augustinus onder het piëtisme te scharen? De wezenlijke constante in het historisch fenomeen piëtisme zie ik in de katholieke vroomheid, dat wil zeggen de bijbelse, authentieke vroomheid van de kerk van alle eeuwen en plaatsen. Maar dan wel de vroomheid zoals die zich verzet tegen verwording en misstanden, want het reactionaire uitgangspunt is bepalend voor het piëtisme. De Nadere Reformatie was die beweging binnen het Nederlandse gereformeerde piëtisme die via procedurele en inhoudelijke reformatieprogramma's niet slechts aangaf wat er verkeerd was, maar ook via het indienen daarvan bij burgerlijke en kerkelijke overheden heel concreet de verwerkelijking daarvan trachtte te bereiken. In de praktijk betekende dit dat de nadere reformatoren de theocratie niet zozeer als denkbeeld koesterden als wel metterdaad nastreefden.

Wanneer het theocratische optreden verflauwt en achter de horizon verdwijnt, spreken we weer van piëtisme. In de zeventiende eeuw begon dit proces al met het coccejanisme, terwijl het in de achttiende eeuw toonaangevend zou worden.








Puriteinse pelgrims stichtten Jamestown (Virginia)


Downloads

 Download het complete interview (Pdf)

 Download het complete interview (Word)


 Laatst gewijzigd: 22-12-09 - Geplaatst: 18-03-09