Anti-slavernijcampagne als bindmiddel tussen overheid en zending
casus Gambia
Frederiks, M.
Toen Sir Charles MacCarthy in 1819 op verlof ging naar Engeland, legde hij een aantal opmerkelijke bezoeken af. MacCarthy, gouverneur van Sierra Leone en de Engelse kolonies in de Senegambia, bezocht namelijk een aantal zendingsorganisaties. Zijn verzoek aan hen was dat ze zich zouden vestigen in de gebieden rond de rivier de Gambia. De Engelse overheid had namelijk in 1816 een zandbank in de Gambiarivier aangekocht, St. Marys genaamd, om er een garnizoen van het Royal African Corps te vestigen dat slavenschepen moest onderscheppen.
MacCarthy had in Sierra Leone al goede ervaringen opgedaan met de samenwerking tussen everheid en kerk op het gebied van opvang en reïntegratie van teruggekeerde en vrijverklaarde slaven, het zogenaamd native pastorate scheme. Toen Londen besloot een marine-uitvalsbasis te vestigen in de monding van de Gambiarivier en de legerplaats uitgroeide tot een stadje, besloot MacGarthy een soortgelijk programma op te zetten voor Gambia. Op deze wijze hoopte hij een tweede plek te creëren, waar de steeds groter wordende aantallen slaven die in Freetown werden vrij verklaard zich konden vestigen. Alle zendingsorganisaties gaven gehoor aan zijn verzoek. ln 1821 meldde zich de ene na de andere organisatie in St. Marys. Het jaar staat daarom in de Gambiaanse annalen bekend als 'het jaar van de zendelingen'.
Dit artikel wil - aan de hand van de casus Gambia - laten zien hoe aan het begin van de 19e eeuw zendelingen hun ambitie om het evangelie 'tot aan de einden der aarde' te verkondigen, op creatieve wijze wisten te combineren met de Engelse politiek rond de afschaffing van de slavernij.
Transparant 19.2 (april 2008) 4-8. In dit themanummer staat nog een aantal artikelen over de zending.
Jaargang 19 (2008) No 2 - themanummer zending
Trefwoorden: Slavernij, Zending, 19e eeuw.
