Knielen op een bed violen en het bevindelijke 'erfgoed'
Recensieartikel
De zoektocht naar God. Dat is het onderwerp van Jan Siebelinks roman Knielen op een bed violen waarin zijn vader centraal staat. 'Het ging me vooral om het inzichtelijk maken van de fascinatie, van de verleiding die daarvan voor Hans uitging endie hem van zijn familie en het normale leven vervreemdde,' aldus Siebelink in Transparant van juli 2005. Siebelinks poging om de Werdegang van zijn vader – Hans in de roman – weer te geven in al zijn grootsheid en met alle dilemma's die er bij horen, is uitermate geslaagd. Het is niet voor niets dat Siebelink in 2005 de AKO-literatuurprijs ontving. Des te merkwaardiger is het dat Siebelink blijkbaar weinig moeite heeft gedaan de geloofsbeleving van de bevindelijk gereformeerden te bestuderen teneinde die in zijn roman te verwerken.
Lees verder...De Zwemers en Janses van Oostkapelle
Ontwikkelingen op het Walcherse platteland
Een man gaat door de Dorpsstraat van Oostkapelle. Rechtop gaat hij, af en toe een woord. Mensen fluisteren of groeten hem en het jongetje dat voor hem gaat. Iedereen weet het: Eine Zwemer is blind. Een ernstige ziekte heeft zijn hoofd aangetast en hij lijdt hevige pijn. Toch komt hij op straat, geleid door het jongetje met de krullen, de oudste zoon van zijn halfbroer. Aan een leren riempje leidt hij Nom Eine, niet aan de hand: dat geldt aan het eind van de jaren dertig nog als te intiem. Enkele jaren later zal (Eine) Hendrik Zwemer ook het contact met zijn dorpsgenoten verliezen. Dan ligt hij in de voorkamer van zijn huis te luisteren naar de geluiden uit de Dorpsstraat.
Lees verder...De Zwemers en Janses van Oostkapelle (II)
In het eerste deel van deze familiegeschiedenis die zich over ongeveer honderdvijftig jaar uitstrekt, hebben we gezien hoe in het Walcherse dorp Oostkapelle rond 1800 twee vermoedelijke Hugenoten-families neerstreken: de Zwemers en de Janses. Uit het huwelijk van Jacob Zwemer met Neeltje Janse werden onder meer Hendrik (1809) en Adriaan Zwemer (1823) geboren. De laatste emigreerde in 1849 met een groep afgescheidenen naar Amerika, waar hij predikant werd in de oude Reformed Church of America. Ook zijn zoons werden evangelist, predikant en zendeling, één van hen, Samuel (1867), bracht het tot hoogleraar in de kerkgeschiedenis en zendingswetenschappen. Door te emigreren ontsnapte Adriaan Zwemer aan de armoede die in de loop van de negentiende eeuw op het relatief welvarende Walcherse platteland toesloeg.
Lees verder...Bevindelijk gereformeerden in de negentiende eeuw
Een poging tot een 'alternatief' overzicht
De meest algemene ontwikkeling op (protestants) kerkhistorisch gebied in het negentiende-eeuwse Nederland was misschien wel de steeds vrijzinniger oriëntatie van de predikanten in de Hervormde Kerk en het splitsingsproces dat mede hierop volgde. In de geschiedschrijving door de erfgenamen van de bevindelijk gereformeerden onder deze afgesplitsten, is vooral aandacht geweest voor het organisatorische aspect: de plaatselijke gemeenten en het tot een geheel groeien van gemeentengroepen staan dikwijls centraal. Ook wordt de continuïteit ten opzichte van het verdere verleden, de periode van de Nadere Reformatie, graag benadrukt.
Lees verder...