Afstandelijkheid in ‘Het gereformeerde geheugen’ hindert Van Deursen

Op 8 juli 2009 gaf prof.dr. A.Th. van Deursen in de Nieuwe Kerk in Amsterdam een reactie op de zojuist verschenen bundel Het gereformeerde geheugen: ‘Over dit boek zou ik niet graag geëxamineerd worden’, aldus de emeritus-hoogleraar. Hij heeft waardering voor het boek, maar plaatst ook kritische noten: ‘Wat mij enigszins hindert, is een nu en dan blijkende voorkeur voor een wat afstandelijke woordkeus’.

Prof. A.Th. van Deursen. Bron Sjaak Verboom

Prof. A.Th. van Deursen. Bron Sjaak Verboom

Methodologisch individualisme

Methodologisch individualisme. Weet u wat dat is? Ik zal het u uitleggen. ‘Methodologisch individualisme ontkent niet het bestaan van collectieve processen of de eigen dynamiek van sociale instituties, maar stelt zich ten doel deze processen en dynamiek te begrijpen als de mogelijkheden, begrenzingen en wensen, belangen en capaciteiten van de individuen die er in participeerden’. Dat zijn meer dan veertig woorden. Nogal veel voor één zin, maar je kunt ze niet vervangen door twintig of zelfs dertig. Je hebt ze eenvoudig allemaal nodig als je de nuance zoekt. En als je dat consequent blijft doen, hoofdstuk na hoofdstuk, dan heb je zomaar een boek van zeshonderd bladzijden. Het is natuurlijk in een dik boek wel weer zo, dat er altijd een paar bijdragen in staan, die je best ongelezen kunt laten. Maar meestal weet je dat pas als je ze uit hebt. Mochten er straks vragen zijn welke artikelen ik bedoel, dan zal ik die vragen niet beantwoorden.

Geen examen

Het is trouwens toch een boek, waar ik niet graag over geëxamineerd zou willen worden. De samenstellers leggen uit wat ze van plan zijn, en doen dat niet alleen vrij omstandig maar ook, althans in hun inleidende beschouwingen, tamelijk abstract. Daarvan heb ik zo even in mijn openingszin al een voorbeeld gegeven, met dat methodologisch individualisme. Weet u nog wat we daaronder moeten verstaan? Toch is het allemaal ook weer wat onschuldiger dan die inleidende bespiegelingen doen verwachten. Als je er in bladert lijkt het gewoon een boek over geschiedenis te zijn, geschiedenis van de gereformeerden; of nauwkeuriger uitgedrukt, over de manier waarop gereformeerden omgaan met hun verleden. Gewoon – ja, maar heel gewoon is het nu ook weer niet. Het gaat uit van de in Frankrijk geboren idee van de lieux de mémoire, en dat betekent dat de stof wordt benaderd met allerlei speciale vragen en geordend met behulp van nog specialere begrippen. Ik noem nu alleen maar de herinneringsmanager, omdat je die simpelweg niet kunt ontlopen. Hij duikt zo dikwijls op, dat je al na een paar dozijn pagina’s met hem op vertrouwelijke voet staat.

Dat zal u misschien met enige zorg vervullen, want het klinkt allemaal zeer geleerd, en geleerde boeken komen niet terecht bij het publiek. De redacteuren en medewerkers van deze bundel hebben echter die verwachting wel, want ze hebben niet gekozen voor een academische, maar voor een gewone boekpresentatie. Daarom moet het toch tegelijk een gewoon boek zijn, en dat laat zich dunkt mij ook heel goed verenigen met het lieux de mémoire-concept. In alle ernst: ik heb het altijd vanzelfsprekend gevonden, dat christenen – en dus ook gereformeerden – graag kennis willen bezitten van hun verleden. Zelf noem ik dat de gemeenschap met de kerk van alle tijden. En gemeenschap is naar zijn aard een positief woord. Natuurlijk: de geschiedschrijving heeft haar rechten. Voor de historicus blijft het altijd de eerste plicht, de waarheid te vertellen, zonder te vragen of die welkom zal zijn. Maar het is ook zijn taak te doen wat de oude catechismus omschrijft als: de eer en het goed gerucht van onze naaste waar wij kunnen en mogen te bevorderen.

Bron Transparant

Bron Transparant

Treue und Liebe

Dat doen we allemaal op onze eigen manier. Een goede omschrijving van de meest invoelende methode trof ik aan in een citaat in deze bundel. ‘Die Geschichte gehört dem, der mit Treue und Liebe dorthin zurückblickt, woher er kommt’. Ja, is dat niet prachtig gezegd: ‘die Geschichte gehört dem, der mit Treue und Liebe dorthin zurückblickt, woher er kommt’. De eigenaardige herkomst van dit citaat doet aan de waarde niets af. Het is namelijk niet bedacht door een gereformeerd auteur, doch door Friedrich Nietzsche. Maar het is zonder twijfel heel mooi uitgedrukt, en het kan gelden als een typering van enkele artikelen die in deze band zijn opgenomen. Ik denk dan bij voorbeeld, om er maar een te noemen, aan de bijdrage over het catechisatieboekje van Abraham Hellenbroek, een stuk dat aan het einde enkele critici het woord geeft, maar dan afsluit met het oordeel van een buitenstaander: ‘wat een moed, om zoveel diepte zo kort en eenvoudig aan kinderen aan te bieden’. In zo’n slot vind je nu die ‘Treue und Liebe’.

De auteur die daar aan het woord is heeft zelf Hellenbroek gelezen. Meestal zal dat waar zijn, dat je de boeken kent waar je over schrijft. Toch kan er soms twijfel rijzen aan de manier waarop men die boeken dan kent. Ben je er werkelijk in doorgedrongen? Zestig jaar geleden verscheen een bundel studies over Groen van Prinsterers Ongeloof en Revolutie. Die studiebundel was geschreven, zo lees ik in Het gereformeerde geheugen, door jonge juristen en historici, en ze lieten weinig heel van Groens revolutiekritiek. Dat is een heel interessante beoordeling. Ik werd vooral getroffen door de kwalificatie ‘jong’. En het is waar, A.M. Donner hoorde tot de groep. Hij was toen 31, en dat mag inderdaad naar alle gangbare maatstaven ‘jong’ genoemd worden. De op een na jongste was 55, en al 23 jaar hoogleraar aan de Vrije Universiteit. Zijn naam was Herman Dooyeweerd. De andere vier waren allen de zestig gepasseerd, met de 69-jarige Van Schelven als nestor. Dat zijn dan die jonge juristen en historici. Mag ik misschien twijfelen aan de grondigheid van de kennis, die in dit oordeel is verwerkt?

Personalia A.Th. van Deursen

Prof.dr. Arie van Deursen is emeritus-hoogleraar Nieuwe Geschiedenis aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. Hij is gespecialiseerd in de zestiende- en zeventiende-eeuwse Nederlandse kerkgeschiedenis en heeft daarover uitvoerig gepubliceerd.

Luister ook naar een gesprek tussen Van Deursen en collega-historicus Wim Berkelaar.

Download de complete lezing (Pdf)